Manon Duintjer heeft een fictiekast, een non-fictiekast, een kast met pockets (ze was ooit uitgever van Rainbow Pockets) en een kast met boeken die te maken hebben met zaken waar ze op dat moment aan werkt. De fictiekast is ingedeeld op land en taal, en daarbinnen op chronologie. Ze heeft 65 meter boeken waarvan negentig procent gelezen.

Foto: Fred van Diem
Voor welk boek schaam je je het meest?
‘Tijdens mijn twee zwangerschappen heb ik een aantal thrillers van Karin Slaughter gelezen. Daar schaam ik me niet voor, maar ik begrijp nu niet meer hoe ik toen zonder een spier te vertrekken kon lezen over versplinterde botten, spuitend bloed, open wonden en andere gorigheid.’
Wat is het mooiste boek in jouw boekenkast?
‘De kleine zielen van Louis Couperus. Negentiende-eeuwse soap op heel, heel hoog niveau. Een van de weinige boeken die ik regelmatig herlees.’
Door welk boek kom je maar niet heen?
‘Het eerste deel van De Millenium Trilogie van Stieg Larson. Ik ben drie keer begonnen, maar strand telkens weer na zo’n dertig pagina’s. Waarom weet ik niet, misschien te veel IT.’
Van welk boek heb je het meest geleerd?
‘Ik ben een groot bewonderaar van Theodor Fontane. Hij behandelt al zijn personages met mededogen en respect, zoals in Effi Briest, waarin je als lezer net zo veel meevoelt met de jonge en speelse Effi als met haar starre, veel oudere echtgenoot Von Innstetten. De meeste mensen doen hun best, al pakt dat niet altijd even goed uit.’
Wat lees je als je geen boek leest?
‘NRC Handelsblad, de Volkskrant, Vrij Nederland en sinds kort weer Mad.’


