10 februari 2012 door Vincent Harmsen en Danielle C. Henriquez

Welles-nietes pingpong

Mots francais

Ha Vincent,

Zalig, het jaren zestig anti-oorlogsverzet aan de John F. Kennedy in Berlijn. Het engagement op de grande école Sciences Po is iets conventioneler. Maatschappelijke discussies vinden plaats met een sigaretje bij de centrale ingang. Om beurten beoefent men zo de Sciences Polémiques (als de pauzesessies niet genoeg zijn, word je lid van de gelijkgenaamde studentenvereniging). Met de Franse presidentsverkiezingen om de hoek is er veel om over te praten, maar dat gebeurt vooralsnog op kalme wijze. Hierover wellicht meer tegen de tijd dat ik het versta. Dat leidt mooi in op je vraag of ik op de rijdende trein genaamd langue française heb weten te springen.

Er hoeft geen Noam Chomsky aan te pas te komen om de macht van taal te begrijpen. De macht van taal is overal. Het is niet alleen daar waar ik er bang voor was – in de collegezaal met een Franssprekende geleerde ervoor of in een academisch artikel. De macht van taal zit vooral in de dagelijkse besognes. Hierin jongleer je met emoties (meer dan in de collegezaal over het algemeen) en precies daar waar de emotie gaat meedoen begint de keiharde confrontatie met de machteloosheid in een vreemde taal.

Neem mijn supermarktbezoek van verleden week. Ik rekende zeventien euro af, gaf een briefje van twintig, maar kreeg twee munten van een euro terug. Ik zag dit terwijl de munten in mijn portemonnee vielen. Ik pakte ze terug en hield ze omhoog met een ‘ja hoor eens!’ blik. De caissière keek wezenloos terug. Ik moest woorden gaan gebruiken, en deze Parisienne wist dat zij daarmee zo goed als gewonnen had.

Ce n’est pas correct!
Ze bleef wezenloos kijken, alsof dat geen Frans was.
Quoi?
Ce n’est pas correct, le remboursement.

Nou, zij meende dus van wel en al snel werd dit een welles-nietes pingpong. Een collega wierp zich op als mediator en we moesten elk onze kant van het verhaal uitleggen. Ik was inmiddels boos geworden. Mijn gezicht stond boos, mijn lichaamshouding was boos, nu nog bijpassende boze woorden op een boze toon:

Il faut un euro.
Ehm, nee.
Il faut que j’ai un euro rembourse.
O nee, volgens mij hoort hier een subjunctief, een fossiele werkwoordsvorm die ze in veel Latijnse talen nog gebruiken. Gaat-ie opnieuw:
Il faut que j’aille un euro remboursé’.

Het was vast nog steeds niet helemaal Frans, maar ze moesten inmiddels wel begrijpen wat ik bedoelde.  De glazige blikken deden het tegendeel vermoeden. Het kwam vast doordat ik de beleefdheidsregels vergeten was (die moet je altijd gebruiken, ook – of juist – als je boos bent. De boosheid moet je dan wel nadrukkelijk in de toon tot uiting laten komen).

Il faut que j’aille un euro remboursé, s’il vous plait.

Dat klonk dus helemaal niet boos. Ik voelde me zo gevangen. Intussen prikten veel Franse ogen uit de rij me in mijn rug. Ik besloot het maar te laten zitten. Het was toch maar een euro.

Maar het was meer dan een euro. Ik zat er de rest van de dag over in, en dit incident staat model voor vele scènes bij vakadministraties, metrobalies, winkels en andere alledaagsheden waarin de krachtmeting in de communicatie geschiedt. Ik ga zo op introductieweekend, dus het wordt tijd om deze brief uit Parijs af te ronden. Voor de goede orde: als je in het Frans je (wissel)geld wil vragen zeg je: ‘Il faut me rendre un euro.

Hoe is het uitwisselingsbestaan in Berlijn? Voel je je wel eens onmachtig in het Duits?

reacties0

Reageer zelf. (Maar houd je aan de huisregels)

 tekens over
Preview Plaats

Vincent Harmsen en Danielle C. Henriquez

Bureau Buitenland is een rubriek waarin UvA studenten middels briefcorrespondentie vertellen over hun belevenissen als uitwisselingsstudenten aan buitenlandse universiteiten. Vincent Harmsen (1985) studeert dit jaar American Studies aan het John F. Kennedy Institute van de Freie Universität Berlin. In Berlijn hoopt hij zijn diploma te behalen, zich in cultuur en geschiedenis te verdiepen en in z'n strakke hippe broek op de racefiets rond te rijden. Danielle Cohen Henriquez (1989) studeert een semester in Parijs, spreekt nauwelijks Frans en volgt vakken politicologie aan de Grand école Sciences Po, in het Frans. Intussen probeert ze voor haar studie algemene sociale wetenschappen haar scriptie over Egyptische jongerenbewegingen tijdens de 25 januari revolutie af te schrijven. Simone van Saarloos (1990) studeert filosofie en literatuurwetenschap aan de UvA, kan keihard tackelen en heel snel lezen. Ze was Danielles voorganger toen ze een semester aan de New School universiteit in New York studeerde.

Folia Columns

Curvers

Groot geluk

Emma Curvers 0

Ik schrijf jullie vanuit Seoul. Nu ik ook eens in het buitenland ben zal ik toch zeker de kans niet voorbij laten gaan mijn column een beetje kosmopolitisch elan mee [...]

Aynan

Fokking zwart schaap

Asis Aynan 0

Een paar maanden later. De mens is van nature slecht. Met deze woorden definieerde een van mijn filosofiedocenten Leviathan, het bekendste werk van Thomas Hobbes. De uitspraak dat elk mens [...]

Miroula

By the Rivers of Babylon

Gina Miroula 2

Het is een beest. De vrouw die het boegbeeld is van de punkscene en met haar ‘Unbeschreiblich weiblich’ jaren achtereen snoeihard uit mijn platenspeler denderde. Kort wild geknipt haar, dik geplamuurde [...]

Meer Columns

meer Blogs

Dan Hassler-Forest 0

Het tijdperk van de ‘geek’

Na al een week met overweldigend succes in Europa te hebben gedraaid, ging de nieuwe superheldenfilm The Avengers afgelopen weekend ook in Amerika in première, en brak daar het ene record [...]

Gijs van der Sanden 0

‘Leeuwenburght is gewoon lekker’

Maandagmiddag, 16.00 uur. Niet bepaald het meest feestelijke moment van de week zou je zeggen, maar daar denken de jonge lieden van de Lax – de studentensociëteit van de HvA [...]

Vincent Harmsen en Danielle C. Henriquez 0

Crowdzwemmen op de Bastille

Lieve Vincent, In je brief vraag je hoe ik het politieke landschap aan Sciences Po in Parijs zou kwalificeren. Nou, in ieder geval iets doffer dan dat bij jou aan [...]

Rogier Verkade 0

020 2.0

In 2050 woont de gehele huidige wereldbevolking in een stad. Nu is dat de helft van de huidige wereldbevolking. Een verbijsterende gedachte. Hoewel de trend van urbanisering natuurlijk niet nieuw [...]