Voetbal is geen oorlog, het is puur toeval. Dat was de ferme conclusie van Fussballprofessor Metin Tolan. Deze hoogleraar experimentele natuurkunde aan de Technische Universiteit van Dortmund hield enkele weken geleden een voordracht in Nederland. Behalve dat hij voorspelde dat Duitsland EK-kampioen wordt (we zullen zien), beweerde hij dat van alle balsporten voetbal het ‘oneerlijkst is’. Bij voetbal speelt geluk de grootste factor. Tennis is wat dat betreft het `eerlijkst’.
Waarop is Tolans conclusie gebaseerd? Als je twee voetbalteams die even goed zijn tegen elkaar laat spelen, dan is de uitslag niet altijd een gelijkspel. Soms wint de een, soms de andere. Die overwinningen zijn eigenlijk onterecht, want niet de kwaliteit maar het toeval is de beslissende factor. Als je nu 18 even sterke clubs in de eredivisie laat spelen dan zullen na 34 speelrondes niet alle teams evenveel punten hebben. Weer vanwege de statistiek winnen sommige teams wat vaker en andere wat minder vaak. In de berekeningen van Tolan kwam deze puur op toeval gebaseerde volgorde aardig in de buurt van een realistische uitslag. In de echte competitie staken alleen de bovenste twee en onderste twee clubs een beetje boven de statistiek uit. Zij kunnen met enig recht zeggen dat ze beter of slechter dan de andere zijn.
Is het erg dat voetbal zo’n oneerlijke sport is? Nee, helemaal niet. In tegendeel! Het toeval maakt het juist zo spannend. Anders dan bijvoorbeeld bij handbal, kan een zwabberbal of arbitragefout op het laatste moment de wedstrijd beslissen. De kijker moet dus op het puntje van zijn stoel blijven zitten. Coaches worstelen met opstellingen, de spelers zetten elkaar klem, de scheidsrechter zit er met z’n neus bovenop, analisten praten de blaren op de tong, maar ondertussen vliegt vrij tussen alles en iedereen door Koning Toeval. Hij scoort iedere keer. ||| Robbert Dijkgraaf


reacties0
Reageer zelf. (Maar houd je aan de huisregels)